Contact met anderen

Til elkaar omhoog

Welkom bij Gedachtes, onderdeel van FF Mentaal. Hier ontdek je korte oefeningen en tips die je helpen om stil te staan bij wat er door je hoofd gaat.

Gedachten kunnen je inspireren, afleiden, motiveren of soms flink blijven hangen. Je leert ze beter herkennen, meer ruimte in je hoofd te maken en te ontdekken wat jou helpt om met een frisse blik verder te gaan.

Hoe kan contact met anderen je mood een boost geven? We helpen je ontdekken wie er voor jou toe doet. En hoe je elkaar met een klein gebaar omhoog kunt tillen.

FF SAMEN ZIJN

De meeste mensen hebben één of twee goede vrienden...
Meer lezen
De meeste mensen hebben één of twee goede vrienden. Sommigen hebben een grotere vriendengroep. Iemand bij wie je jezelf kunt zijn, betekent vaak meer dan een hele lijst contacten.

Het fijne is: een klein gebaar geeft je al een gevoel van samen-zijn. Een appje, een praatje, iets aardigs voor een ander - het is fijn voor jullie allebei.

Hieronder vind je een paar oefeningen die je kunnen helpen om meer uit je contact met anderen te halen.

Hieronder vind je een paar oefeningen die je kunnen helpen om meer uit je contact met anderen te halen.

FF oefenen

De nieuwste oefeningen om zelf te proberen

Lees hier de oefening
1

Geef de stem in je hoofd een naam

Soms heb je een negatieve gedachte die steeds terugkomt, zoals: ‘Ik ben niet goed genoeg’ of ‘Niemand vindt mij leuk.’
Deze oefening helpt om wat afstand te nemen van die gedachten.

Kies een naam voor de kritische stem in je hoofd. Dat mag van alles zijn: een gewone naam, een grappige naam of iets wat bij die stem past.
Merk je later dat een gedachte weer opkomt? Zeg dan in jezelf bijvoorbeeld:
‘Daar is die stem weer. Ik luister niet naar jou.’

Je hoeft de gedachte niet weg te duwen of ermee in discussie te gaan. Laat hem er gewoon zijn, terwijl jij doorgaat met wat je aan het doen was. Je gedachten mogen er zijn, maar ze hoeven niet te bepalen wat jij doet.
Lees hier de oefening
2

Praat minder streng tegen jezelf

Na iets dat niet goed ging, kun je streng praten tegen jezelf. Bijvoorbeeld als je een slecht cijfer haalt voor een toets, als je een fout hebt gemaakt of na een ongemakkelijk moment. Misschien denk je dan: ‘Ik kan echt niks.’ Of ‘Het gaat altijd fout.’

Deze oefening helpt om eerlijker en rustiger naar situaties te kijken. En minder streng tegen jezelf te praten.

Probeer te letten op woorden als:
 • altijd
 • nooit
 • alles
 • niks

Het is vaak minder groot.

En kijk of je je gedachte kleiner kunt maken. Bijvoorbeeld:

Niet: ‘Ik ben slecht in school.’
Wel: ‘Deze toets ging niet goed.’

Niet: ‘Alles gaat mis.’
Wel: ‘Dit liep anders dan ik wilde.’

In het begin kan dit nep voelen. Alsof je jezelf voor de gek houdt. Maar het went. Je brein gaat het uiteindelijk echt geloven als je het blijft doen.

Je kunt het invulblad gebruiken om hiermee te oefenen.
Download oefening
Lees hier de oefening
3

Doorbreek het piekeren

Piekeren kan voelen als het vinden van een oplossing. Maar vaak zijn het steeds dezelfde gedachten en kom je niet verder.
Je kunt verschillende dingen proberen om je hoofd wat meer rust te geven.

• Plan een piekermoment

Kies elke dag een vast tijdstip waarop je 15 minuten nadenkt over je zorgen. Bijvoorbeeld om 19 uur. Komt een gedachte eerder op? Schrijf hem kort op en bewaar hem voor later. Je brein leert: nu niet piekeren, dat mag om 19 uur.

• Schrijf je gedachten op

Door je zorgen op papier te zetten, hoef je ze minder in je hoofd vast te houden.
Leg een schrift naast je bed voor dingen die ’s avonds opkomen.
 
• Gebruik je verbeelding
Ga rustig zitten, doe je ogen even dicht en stel je voor dat je gedachten wegdrijven, bijvoorbeeld in een ballon of op een trein die vertrekt. Dat kan helpen om wat afstand te voelen.

• Praat met iemand

Vertel iemand wat je bezighoudt. Dat lucht vaak op.
Probeer niet alleen over problemen te praten, maar ook over gewone dingen.

• Ga iets doen

Doe iets anders. Iets waarbij je je aandacht nodig hebt of waar je rustig van wordt, zoals bewegen, muziek luisteren, tekenen of een spel spelen. Dat geeft je hoofd even een pauze van het piekeren.

Je hoeft niet alles te doen. Probeer wat uit en kies wat voor jou werkt.

Je kunt het invulblad gebruiken om hiermee te oefenen
Download oefening

1

Doe iets aardigs voor iemand anders

Iets aardigs doen voor iemand kan zorgen voor een fijn gevoel. Voor de ander én voor jezelf.

Voorbeelden:
  • stuur iemand zomaar een aardig berichtje
  • zeg iemand op straat gedag
  • geef een oprecht compliment
  • help iemand ergens mee
  • laat een positieve review achter
Het hoeft niet groot of bijzonder te zijn. Iets kleins is genoeg.

Challenge: doe een week lang elke dag iets aardigs.
Kijk daarna terug:
  • Wat heb je gedaan?
  • Hoe voelde dat?
  • Welke acties pasten het beste bij jou?

2

Complimenten geven en aannemen

Door een goed compliment voelt de ander zich fijn. En jij ook. Hoe geef je een goed compliment? En hoe kan je een compliment aannemen?

Complimenten geven

Een goed compliment is:
  • Concreet. Bijvoorbeeld: ‘Fijn dat je me hielp’ in plaats van ‘Goed gedaan.’
  • Eerlijk. Zeg alleen iets wat je echt meent. Mensen voelen als een compliment fake is.
  • Over wat iemand doet. Bijvoorbeeld: ‘Je hebt hier veel moeite in gestoken.’ In plaats van ‘Je bent er gewoon goed in’.
  • Persoonlijk. Vertel wat het met jou deed. Bijvoorbeeld: ‘Daar werd ik blij van.’ Of ‘Dat hielp me echt’.

Probeer deze week bewust één of twee echte complimenten te geven.


Complimenten ontvangen

Veel mensen maken een compliment meteen kleiner. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Valt wel mee.’ Of ‘Dat was gewoon geluk.’
Oefen eens met alleen: ‘Dank je wel.’ Gewoon accepteren, zonder weg te lachen of kleiner te maken. Je mag het raar of ongemakkelijk vinden, maar probeer het!

3

Wie zijn belangrijk voor jou?

Denk eens aan de mensen die jij om je heen hebt. Wie zijn voor jou de mensen die ertoe doen? Schrijf de namen van deze mensen op.

Denk over vragen zoals:
  • Met wie doe je graag leuke dingen?
  • Bij wie voel je je op je gemak?
  • Wie helpt je als het moeilijk gaat?
  • Met wie kun je echt praten?
  • Met wie lach je veel?
  • Wie motiveert jou?
  • Wie vertrouw je?
  • Wie geeft je energie?
  • Wie is je beste vriend? Wat maakt die persoon zo’n goede vriend?
  • Wie helpt je met normale dingen? Zoals je band plakken, op tijd je bed uitkomen, leren koken… Dat soort dingen.

Misschien ontdek je:
  • dat één persoon meerdere rollen heeft
  • dat je meer steun hebt dan je dacht
  • of dat je bepaalde contacten mist

Dat kan helpen om bewuster om te zijn van je sociale contacten.

Je kunt het invulblad gebruiken om hiermee te oefenen.
Download oefening

1

Title 4

Text 4

2

Title 5

Text 5

3

Title 6

Text 6

Vraag of opmerking over Contact met anderen?

Heb je een vraag, een tip of is er iets waar je binnen FF Gedachtes meer over wilt weten?

Ga naar de FAQ's